Attac logo
Associatief netwerk voor een Taks op financiële Transacties
en voor het Aansterken van de Civiele maatschappij
Beginpagina    Zand in de Machine    ZidM > 2001-2008    Om de financiële crisis te begrijpen   
| thema: financiële crisis , media&cultuur  |
 

Om de financiële crisis te begrijpen

> Antonio Martins - gepubliceerd op 23 november 2008

De internationale kredietmarkten zijn in shock. Er is een reële dreiging dat er een vernietigende stormloop op de banken komt. Dit omdat de 700 miljard dollars die door de VS werden aangebracht te laat gekomen zijn en niet aangepast waren.
Welke zijn de oorzaken van de crisis?
Welke relatie is er tussen de crisis, het financieringskapitalisme en de ongelijkheden?
Bestaan er alternatieven?

De crisis die meer dan een jaar geleden begon in de sector van de immobiliën in de VS, heeft twee opstoten gekend de voorbije twee maanden. Tussen 15 en 16 september heeft het bankroet van grote Noord-Amerikaanse financiële instellingen duidelijk gemaakt dat de problemen zich niet zouden beperken tot de vastgoedsector. Begin oktober, lijkt het alsof de 700 miljard dollar die verzameld zijn door het Witte Huis om deze redding op gang te brengen, slechts zeer beperkt effect zullen hebben. Uitgedacht volgens de logica van de markt (de minister van financiën, Henry Paulson, is een voormalig kader van de investeringsbank Goldman Sachs), zijn ze erop gericht om met belastingsgeld de financiële instellingen die het meest bedreigd zijn, ter hulp te komen. Maar ze zijn er niet op gericht om de economie terug op gang te trekken, laat staan om de families in schulden te helpen.

Er is dus een schok in het bankwezen, die vandaag verder gaat. Vol afgrijzen door de reeks faillissementen hebben de financiële instellingen alle leningen geblokkeerd - ook die onder banken. Dit heeft dan weer geleid tot een verveelvoudiging van het onveiligheidgevoel, waarbij de betekenis zelf van het begrip krediet, dat de basis vormt van heel het systeem, werd aangetast. Van Amerika is de crisis overgewaaid naar Europa. In twee dagen tijd zijn er vijf belangrijke banken op het oude continent gekelderd.

Heel snel, begon de financiële aardbeving de zogenaamde “reële economie” aan te tasten. Omdat er geen financiering is, is de verkoop van wagens in september, vergeleken met september vorig jaar, gedaald met 27%. Hierdoor kwam men tot de laagste verkoopcijfers van de laatste 15 jaar. Op 3 oktober, zette General Motors iin Brazilië de arbeiders van twee fabrieken die voor de export werken, op gedwongen verlof (of technische werkloosheid). Wat een enorm aanduiding is van het gevaar voor internationale besmetting. Geconfronteerd met het gevaar van een diepe recessie, is zelfs de petroleumprijs de diepte ingegaan. Op 6 oktober stond hij nog op 90 dollar per vat, wat een daling is van 10% in één week tijd.

De storm heeft ook de openbare sector getroffen. Gans de week toonde de gouverneurs van verschillende Noord-Amerikaanse county’s, zich zeer ongerust over het gemis aan liquiditeiten in hun schatkist. De gouverneur van de machtige staat Californië , Arnold Schwarzenegger, kondigde op 2 oktober aan dat hij niet in staat was de lonen van de politiemensen en van de brandweer uit te betalen als de federale regering hem niet onmiddellijk een lening van 7 miljard dollar gaf.

Wantrouwig tegenover de stevigheid van de banken, kunnen de houders van lopende rekeningen hun geld terug halen, wat zou leiden tot een nieuwe vlaag van ineenstortingen en het vertrouwen in de munt zou ondermijnen. In het tijdperk van de mondialisering zou dit “de moeder van alle stormlopen op banken”. Zoals beschreven door de economist Nouriel Roubini, die met grote precisie, enkele maanden geleden, alle ontwikkelingen van de huidige crisis had voorspeld.

De eerste tekenen van deze enorme catastrofe waren direct zichtbaar. Op 2 oktober, heeft de Centrale Bank van Ierland, zich gedwongen gevoeld om het publiek gerust te stellen door aan te kondigen dat de Staat 100% van de bankdeposito’s bij zes banken, zou garanderen. In de nacht van zondag, was het de beurt aan de Duitse regering om een gelijkaardige houding aan te nemen. Maar de maatregelen werden zonder coördinatie genomen, want de samenkomst van de vier “grote Europese landen” dat weekend samengeroepen door Nocolas Sarkozy om gezamenlijke acties af te spreken tegen de crisis, leverde geen concrete resultaten op. Het valt dus te vrezen dat de initiatieven van Ierland en van Duitsland, andere Europese banken onder druk zullen zetten in landen waar er geen gelijkaardige garanties bestaan. Bovendien verdenkt men de autoriteiten ervan ongedekte checks te tekenen. Zo is in Ierland, de totale waarde van de verzekering aangereikt door de BC, gelijk aan meer dan het dubbele van het PIB van het land...

Ook in dit geval, zijn de risico’s van een internationale besmetting enorm. Roubini wijst er op dat de waarden die op het spel staan in de kredietlijnen tussen de Noord Amerikaanse banken en de instellingen van andere landen, bijna het triljoen dollar bereiken. Het i via deze invalsweg, die vandaag geblokkeerd is, dat het risico van een ineenstorten van de banken zich over de wereld verspreid. Zelfs in de landen die het minst dicht bij het epicentrum van de crisis liggen, zoals Brazilië, laten de gevolgen zich nu al voelen. Vorige week heeft de Centrale Bank zich gedwongen gevoeld, om de grote banken te stimuleren, door twee opeenvolgende noodmaatregelen en door er de kredietportefeuilles van middelgrote en kleine banken over te nemen - die het nu al moeilijk hebben om middelen te vinden.

Omwille van deze spanningen, beleefden de Aziatische en Europese beurzen, op 6 oktober, een plotse daling. Op de eerste sessie na de goedkeuring van het Noord Amerikaanse reddingsplan, verloor Tokyo 4,2% en Hong-Kong 3,4%. Dalingen van 7% à 9% werden vastgesteld in Londen, Parijs en Frankfurt. In Moskou was er een daling van 19%. In al deze gevallen waren de dalingen rechtstreeks verbonden met de ineenstorting van de aandelen van belangrijke banken. In Sao Paulo, werden de beursverrichtingen twee maal onderbroken. Wanneer drastische dalingen een extreme instabiliteit te weeg brengen dan treden de regels in werking die het zaken doen, onderbreken. Ondanks de tussenkomst van de Centrale Bank, eindigde de dollar op R$ 2.20.

Tot hiertoe hebben de regeringen zich gedwongen gevoeld een ietwat eigenaardige houding aan te nemen. Niet langer krijgen we hun pleidooi over de hoogwaardigheid en de superioriteit van de markten. Nu buigen ze het geld van de belastingbetaler om naar de overheersende bankinstellingen die dezelfde markten beheren. In dit stadium van de crisis zeggen alle degelijke analyses hetzelfde: het is onmogelijk om de duur, de diepte en de consequenties van deze crisis te voorspellen. De volgende maanden zal een periode aanbreken van grote economische, sociale en politieke onrust. De geldbergen die door de Centrale Banken werden uitgegeven hebben in enkele week de dogma’s ten Grave gedragen die dertig jaar lang gekweekt werden door de theoretici van het neoliberalisme. Hoe nu nog argumenteren dat de markt zelfregulerend werkt en elke staatsinterventie gedoemd is om contraproductief te zijn?

Maar er is een immense stap die nog moet overbrugd worden tussen de val van een dogma en de opbouw van een politiek in tegengestelde zin. Tot hiertoe overweegt een eigenaardige houding bij de regeringen. Ze hebben hun discours over de vrije markt opgeborgen, om des te beter het geld van de belastingsbetaler te draineren naar die dominante instellingen die het spel van de markt beheersen.

Het 700 miljard plan, bekokstoofd door het Witte Huis, is het meest uitgewerkte voorbeeld van deze krijgslist. Nouriel Robini omschreef dit plan niet alleen als onrechtvaardig maar ook als “onefficiënt en niet werkbaar”. Onrechtvaardig omdat het de verliezen zijn die gesocialiseerd worden wanneer men zomaar geld aan bied aan de financiële instellingen (waardoor de staat de ’verrotte waarden’ kan overnemen) zonder dat anderzijds een deel van het kapitaal in handen van de staat komt. Het plan is niet werkbaar, omdat het geen enkele hulp biedt aan de families in schulden en die op het punt staan hun vastgoed te verliezen of het reeds verloren hebben, daardoor raakt het de kern van het probleem niet: de verarming van de bevolking en de vermindering van haar koopkracht. Dit plan werkt dus alleen op oppervlakkige effecten van de crisis. Het plan is tenslotte onefficiënt omdat niets zegt (zoals de feiten van de laatste dagen het hebben aangetoond) dat de banken die nieuw kapitaal kregen van de staat, bereid zijn om de kredietkranen terug te openen om zo de economie te bevoorraden. In een artikel, verschenen in de Financial Times, verdedigt de grote investeerder, George Soros, een zeer gelijkaardig standpunt en tekent zelfs de grondlijnen uit van een alternatief plan.

Andere analyses gaan verder. In een tekst die enkele maanden geleden in Le Monde Diplomatique verscheen, zegt François Chesnais, een Franse economist, dat het hier om veel meer gaat dan om het financiering van de markt de om geloof in de zelfredzaamheid van de markten. Hij toont aan hoe de neoliberale decennia die we gekend hebben, getekend zijn door een enorme stijging van de kapitaalaccumulatie en door internationale ongelijkheid.

Fenomenen zoals de automatisering, de delokalisering van bedrijven (naar landen en regio’s waar de lonen en de sociale rechten zeer klein zijn) en het oprijzen van China en India als grote productiecentra, hebben de koopdracht van de lonen verminderd. Deze beweging werd versterkt vanaf het ogenblik dat de wereld van de onderneming meer en meer geregeerd werd door de “dictatuur van de aandeelhouders”, die de beheerders ertoe brachten steeds grotere winsten binnen te rijven. Het resultaat is een indrukwekkende kloof tussen aan de ene kant de productiecapaciteiten van de economie en aan de andere kant de koopkracht van de samenlevingen. Aan de basis van de financiële crisis ligt dus een crisis van de overproductie, gelijk aan die overproductiecrisissen die Marx in de negentiende eeuw bestudeerde. Door de reguleringsmechanismen van de markten en de herverdeling van de inkomsten, die waren aangezet na de crisis van 1929, zou het neoliberaal kapitalisme hetzelfde spook opgeroepen.

Marx zag in de financiële crisissen dramatische momenten waarin het proletariaat zijn krachten bundelen om de macht te veroveren en om in aanzet het socialisme uit te bouwen.

Zo een perspectief, lijkt 125 jaar na zijn dood, meer veraf dan ooit. China is de grote fabriek van de wereld geworden, geleid door de communistische partij. Maar veeleer dan het kapitalisme te bedreigen zoeken de leiders en de Chinese proletariërs naar hun plaatsje in de kapitalistische zon, in een strijd voor de macht en voor de rijkdom die door de logica van het systeem voortdurend wordt aangewakkerd.

In plaats van de bekvechten met de kapitalisten om macht en rijkdom, zou het niet mogelijk zijn om hun logica te ondermijnen. De socioloog Immanuel Wallerstein, een soort profeet van de Noord Amerikaanse aftakeling, heeft deze hypothese met veel moed verdedigd op het Sociaal Wereldforum van 2003 - in een tijd dat George Bush zich klaarmaakte om Irak aan te vallen en dat zeer velen geloofden in de eeuwigheidswaarde van het Amerikaans imperialisme. In een ander artikel, onlangs verschenen in de Braziliaanse uitgave van Le Monde Diplomatique, stelt Wallerstein dat de crisis de nabije toekomst onrustig en gevaarlijk zal maken. Maar hij benadrukt dat bepaalde sociale veroveringen van de laatste decennia het perspectief hebben geopend van een versterkte democratie, die inspiratie kan geven om politiek vooruit te gaan midden de stromen. Hij refereert hierbij naar het inzicht dat de sociale rechten belangrijker zijn dan de winst en dan de privé-accumulatie van rijkdom. Hij ziet in de openbare diensten (die in veel landen ook egalitair zijn) voor volksgezondheid, opvoeding en sociale bescherming, iets dat kan vermenigvuldigd worden en kan leiden tot sociale relaties die het systeem tegenwerken.
Indien de logica van een waardig leven voor ieder mens altijd zou kunnen ontwikkeld worden. Indien we bijvoorbeeld het recht zouden hebben om doorheen de wereld te reizen, om onafhankelijke culturele producties te scheppen en (anti-) psychoanalytische therapieën op te zetten, wie zou zich dan nog bezig houden met het oppotten van rijkdom?

Het neoliberalisme is mogelijk geweest omdat, na de Tweede Wereldoorlog, bepaalde denkers het aangedurfd hebben om de overheersende paradigma uit te dagen en een tegen-utopie uit te denken. In een periode dat het kapitalisme bedreigd werd en bereid was zware toegevingen te doen, hebben intellectuelen zoals de Oostenrijker Friedrich Hayek in het Genootschap van de Pelgrimsberg, de herbevestiging van de waarden van het systeem geformuleerd. Zijn doelstellingen lijken vandaag achterhaald maar zijn moed was bewonderenswaardig. Hij toont aan dat er in elke periode ruimte is om de heersende zekerheden aan het wankelen te brengen en om alternatieven voor de toekomst te denken.

Zou het nu niet het moment zijn om een nieuw postkapitalisme te bouwen?


De vertaling is van Jules Debroux, warvoor onze dank.

Spip-redacteur:   francis
 
 
In- & Uitschrijven
Zand in de machine




Attac persberichten




Kalender
« Februari 2010 »
M D W D V Z Z
1 2 3 4 5 6 7
8 9 10 11 12 13 14
15 16 17 18 19 20 21
22 23 24 25 26 27 28
 
Trefwoorden
 
 Attac Vlaanderen  |  Statistieken  |  Privé-ruimte  |  Alle rubrieken  |  Alle documenten

Verwittiging - De gepubliceerde documenten weerspiegelen, tenzij anders vermeld, niet noodzakelijk het standpunt van Attac Vlaanderen. Zij zijn de standpunten van hun auteur(s) en eventueel van werkgroepen of andere organisaties. Dat de documenten hier gepubliceerd worden is omdat wij willen meegenieten van beschikbare ideeën en expertises om samen onze toekomst te heroveren en aan die andere mogelijke wereld te werken.

Logo Creative Commons
Alle teksten van deze site mogen gebruikt en gecopiëerd worden onder de voorwaarden van toepassing van de Creative Commons Licentie.