Attac logo
Associatief netwerk voor een Taks op financiële Transacties
en voor het Aansterken van de Civiele maatschappij
Beginpagina    Zand in de Machine    ZidM > 2001-2008    Voor een andersmondialistisch relanceplan, sociaal en ecologisch  
| thema: financiële crisis  |
 

Voor een andersmondialistisch relanceplan, sociaal en ecologisch

> Dominique Taddei - gepubliceerd op 23 december 2008

Dominique Taddei vergelijkt de crisis van 1929 met degene die we nu meemaken, en trekt hieruit enkele besluiten.

Hij meent dat de erge gevolgen van 1929 tot hiertoe vandaag vermeden werden. Anders waren we nu in een situatie zoals in 1933. Hij wijst er op dat het absoluut noodzakelijk is dat men niet laat gebeuren wat toen gebeurde. Paul Krugman wees er in een recente tribune op dat President Roosevelt veel te laat een Keynesiaanse politiek had ontwikkeld en dat deze bekend was onder de naam: Tweede wereldoorlog.

Dominique Taddei stelt voor een sociaal en ecologisch relanceplan uit te werken, dat gefinancierd zou worden door een budgettaire actie met ondermeer een echte en radicale hervorming van de belastingen en een monetaire actie die zou uitmonden in een zeer grote lening op Europees niveau. Hij stelt voor dat dit schema op gang zou gebracht worden door RST (rechten op speciale trekkingen, nvdv) via een hervormd IMF.

Dominique Taddei, staat niet te lang stil bij de inhoud van dit groots relance plan op wereldvlak maar het spreekt vanzelf dat het niet kan opgezet worden volgens de beroemde kapitalistische formule: BAU, ‘Business as usual’, want dan zullen de dramatische consequenties voor de mensen en voor de planeet nog verergeren.

Samenvatting:

Het ergste van 1929 zal waarschijnlijk vermeden worden: we zijn vandaag in 1933. Het ergste van het decennium na 1933 moet ook vermeden worden. Het is een kwestie van democratie en vrede in de wereld. Daarom moeten we ons steunen op wat het best gelukt is in het midden van de jaren 30 en in Bretton Woods in 1944 en dit verbeteren vanuit de andersmondialistische sociale en ecologische eisen van onze tijd.

Daarom moet er een relanceplan komen voor de vraag op wereldvlak dat sociaal en ecologisch is. Daarom moet het financieel en monetair systeem hervormd worden. Om het geheel te financieren moet men zich tezelfdertijd baseren op een fiscaliteit die effectief herverdelend werkt en op monetaire creatie.

Het ergste van 1929 werd vermeden

Men moet en men kan bij hoogdringendheid het banksysteem redden: de ineenstorting van de economie in kettingreactie met zijn sociale drama’s en met zijn kwaadaardige uitzaaiingen van uiterst rechts op de straathoeken.

Tezelfdertijd is het minste dat men van de regeringen mag verwachten, die overal in de wereld dit banksysteem trachten te redden, is dat ze alle noodzakelijke controle- en reguleringsmaatregelen zouden treffen, opdat dit zich in de toekomst niet meer zou kunnen voordoen. Ze beweren dit te doen. Maar de sociale beweging moet hen onder druk zetten en onder druk houden opdat ze hun woord zouden houden, door zich te steunen op de nieuwe krachtverhoudingen die nu plots ontstaan zijn. Gedurende lange jaren, misschien zelfs decennia, zullen de investeerders geen risico willen nemen hun geld te verliezen in beleggingen die ‘gedopeerd’ zijn door de speculatie. De druk van de publieke opinie en het economisch gezond verstand zijn voortaan bondgenoten tegen alle avonturen en ‘feodale financieringstoestanden’. Deze drastische sanering van de financiële zeden is de eerste voorwaarde om het kredietstelsel te kunnen herstellen. Maar voortaan is het de vraag naar kredieten die dreigt in te storten. Nu is het natuurlijk eenvoudiger om een ezel te verhinderen om te drinken dan om hem te dwingen.

Wij zijn in 1933

De kernvraag is niet die van de recessie, een cyclisch en voorbijgaand fenomeen. Het is de vraag van de depressie en de deflatie. Anders gezegd niemand weet tot hoe ver de productieve economie gaat ineenstorten. Maar vooral kan niemand ernstig voorzien wanneer ze uit zichzelf terug gaat opstarten.(1) In de jaren ’30 is er een tweede wereldoorlog nodig geweest. In Japan, heeft de financiële crisis van het eind der jaren ’80 meer dan tien jaar geduurd en daarna is de groei maar heel bescheiden herstart, in een periode dat de rest van Azië en van de wereld een sterke groei kende.

Een sociaal en ecologisch relanceplan

Terwijl vanaf de eerste vergadering van de G20, de noodzakelijke onderhandeling voor een nieuw economisch en financieel systeem start, is de hoogdringende zaak: het herstarten van de vraag overal in de wereld. Het is niet langer een kwestie van het redden van de banken maar van het redden van de totale economische activiteit. Deze hoogdringendheid wordt nu aanvaard (sinds begin november) en er wordt aan gewerkt (VS, China, Duitsland, Rusland, Verenigd Koninkrijk, petroleumproducenten), maar zij stelt drie essentiële vragen(2):

  • De eerste vraag is de vraag dat de relancepolitiek van de verschillende landen, zoveel als mogelijk, coöperatief zou zijn. Tenminste moet er alles gedaan worden om een herhaling van de jaren dertig te vermijden Toen werd de zwartepiet zorgvuldig en consequent aan de rest van de wereld opgedrongen. Het is verantwoord om de nationale producenten te ondersteunen wanneer ze produceren voor de binnenlandse markt (wanneer men het op de schaal van een werelddeel bekijkt). Maar het is onaanvaardbaar deze producenten te blijven subsidiëren wanneer ze exporteren en proberen delen van de markt af te snoepen van hun concurrenten. Dit betekent dat er eerst en vooral werk moet gemaakt worden van een multipolair wereldsysteem, waarin de hervormde WHO en IMF onderworpen zullen zijn aan het Charter van de Verenigde Naties. De WHO zou alle hulp aan export verbieden en het nieuwe IMF zou elk manipuleren van de wisselkoersen verbieden, door gezamenlijk op te treden met de landen waarvan de munt opgewaardeerd wordt.(3)
  • De tweede vraag is de vraag naar de politieke aard van deze relance. Hier maken de politieke keuzes het verschil. Rechts zal hier kiezen voor militaire - en veiligheidsuitgaven. Nu zal zo een relancepolitiek maar slagen als ze gedragen word door de meerderheid van de burgers. Alleen wanneer het vertrouwen hersteld is zullen de privé-uitgaven terug toenemen wanneer ze aansluiten bij de betrachtingen van de meerderheid van de mensen. Dit wil zeggen dat ze zullen moeten beantwoorden aan de grote ecologische en sociale noden. Naargelang het land en het werelddeel kan dit een ander karakter krijgen. In Frankrijk zal men moeten beginnen met de sociale minima te verhogen (het zijn deze mensen die in verhouding het snelst en het meest uitgeven uit noodzaak). De bouw van sociale woningen en drastische maatregelen om de energie te besparen, in een anticiperen op het post-Kyoto tijdperk. Op een complementaire manier moeten de uitgaven in de volksgezondheid, in het onderwijs en in het onderzoek omhoog.
De financiering van de relance van de vraag op wereldvlak
  • De derde vraag is de vraag naar de financiering: om echt efficiënt te zijn moet deze financiering budgettair en monetair zijn.
    • Op budgettair vlak moet men onmiddellijk alle voordelen en belastingsverminderingen afschaven die men de laatste tien jaar aan de 5% rijksten heeft verleend. 5% is natuurlijke een arbitrair percentage maar dat zou dan kunnen gevalideerd worden door de meerderheid van de bevolking in een groot democratisch debat, in het machtigste land van de wereld. De terugkeer naar een strenge fiscaliteit gericht op een progressieve belasting en op erfenisrechten, betekenen meteen ook een vermindering van de bijdragen op het loon en de afschaffing van de meest onrechtvaardige lokale belastingen. Deze fiscale maatregelen moeten de terugkeer vervolledigen naar een systeem dat werkelijk herverdelend is.

      Dit veronderstelt dat men in Europa, begint met eerlijk vast te stellen, dat de uitzonderlijke omstandigheden gemaakt hebben dat het Stabiliteitspact niet meer geldig is, wat trouwens in de tekst zelf van dit pact voorzien was. Men zou een nieuw sociaal en ecologisch samenwerkingspact kunnen onderhandelen. Dit SESP zou dan aan het geheel van de burgers voorgelegd kunnen worden en daarna voorgelegd worden aan de Europese kiezers bij de vernieuwing van het Europees parlement(4).

    • Op monetair vlak is de kwestie heel eenvoudig voor de landen die massa exo-dollars hebben verzameld. Ook voor de VS is de situatie duidelijk. Zij kunnen, minstens nog voor een tijd, profiteren van het gegeven dat hun dollar de referentiemunt is, wat het toelaat om een deficit te hebben van minstens 8% en een schuldvoet van 100%.(5)

Eigenlijk stelt de vraag zich alleen voor Europa en voor het geheel van landen buiten de G20. Voor Europa, kan een groots plan van leningen in Euro’s bij de Europese Investeringsbank, de minst geavanceerde landen uit de Eurozone financieren. De andere Europese landen zouden voor eigen rekening lenen. Voor het geheel van de andere landen van de wereld, met hun gigantische noden op het gebied van het voedsel, op sanitair en ecologisch vlak, op gebied van infrastructuur en van onderwijs enz..., kunnen de financieringsmiddelen alleen maar in werking gesteld wordt door een volledig getransformeerd IMF.(6)

Dit instrument bestaat al - het recht om speciale trekking te doen - uitgevonden aan het begin van de zeventiger jaren om tegemoet te komen aan de noden van de Nixon administratie - ze kan van vandaag op morgen in werking gesteld worden door een eenvoudige beslissing van de Raad van Beheer, zoals Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz al voorstelde na de aanslagen van 11 september 2001.

Dit recht op een speciale trekking zou moeten ter beschikking gesteld worden van de regionale ontwikkelingsbanken met de actieve participaties niet alleen van de betrokken regeringen maar ook met de vertegenwoordigers van het geheel van de betrokken civiele maatschappij en ook de betrokken niet-gouvernementele organisaties, om zo het gevaar voor wanbeheer en corruptie te beperken.

Men zal hierbij opmerken dat dit allemaal vreselijk inflationistisch is. Een dubbele repliek spreekt hier voor zichzelf. Eerst: als de situatie is zoals in 1933 door toedoen van een neoliberale monetaire politiek, dan is de potentiële inflatie een minder kwaad dan een effectieve deflatie. Ten tweede: het relance-effect moet van voorbijgaande aard zijn. Vanaf dat de werkelijke economie zich terug in de buurt van haar potentiële productie bevindt, zal de budgettaire en monetaire mix van maatregelen meer evenwichtig moeten worden. Dan zal het volstaan dat de loonmassa terug de percentages van de jaren ’70 bereikt om de koopkracht van de lonen te doen stijgen volgens het ritme van de productiviteitswinsten. Natuurlijk moet dit nieuwe economisch en financieel systeem dat een antwoord biedt op deze grote crisis van het imperialisme, blijvend zijn op wereldvlak.

In werkelijkheid is het niet zozeer een theoretische of technische kwestie. Het is de geopolitieke kwestie van de samenstelling van het IMF dat nu prioritair is. De eerste samenkomst van de G20 heeft deze noodzaak erkend. Men zal moeten verder gaan en de economische wereldinstanties (IMF, Werelbank, WHO, OESO, enz...) integreren in het systeem van de Verenigde Naties, dat zelf vernieuwd moet worden in gewetensvol respect voor het charter van de Verenigde Naties.

De bal ligt dus duidelijk in het kamp van de komende Obama-administratie. Gedurende enkele weken zal het “symbool” van deze verkiezing, president Obama de mogelijkheid geven om zijn visie op de leggen aan de publieke opinie en vooral aan het Amerikaans establishment wat in de geschiedenis nooit aanvaard werd door een hegemonische macht, de vreedzame overgang van leadership naar partnership. Formidabele sprong voorwaarts van de mensheid of terugkeer naar de banaliteit van het oorlogvoeren. De Afrikanen zouden dan als enige voldoening het welslagen hebben van een van hun emigranten van de tweede generatie.

Om zo een strategie van een wereldwijde transformatie tot een goed einde te brengen is nu de tijd aangebroken om een wereldfront van progressieven te vormen, in staat om de lukken daar waar de volksfronten van gisteren mislukt zijn.


(1) De voorspellingsmodellen blijven correct in hun structuren, maar de gecijferde parameters die ze hanteren zijn totaal voorbijgestreefd, vermits ze berekend zijn op het gemiddeld resultaat dat vroeger werd waargenomen. Deze parameters komen overeen met collectieve gedragingen die kwalitatief veranderd zijn. Vooral de afschuw voor het nemen van risico’s is enorm en blijvend gestegen. Dit is geen kwestie van een gradatie, maar het is een verandering van de natuur van de zaak. Het gaat hier om een niet-lineaire systematiek waar de modellen geen zicht kunnen op geven. Want die modellen zijn wezenlijk lineair in hun constructies. In beelden uitgedrukt: de animal spirits hebben een bocht van 180° gemaakt.

(2) In deze context wordt het bedrog in de toespraken van Sarkozy en Barroso duidelijk: zij pretenderen heel de wereld de les te spellen, maar zijn ondersteunen besparingsbudgetten.

(3) Als een land beperkt is door de hoeveel van zijn wisselreserves, zijn mogelijkheden onbeperkt bij devaluatie van zijn munt. Wanneer deze munt veel gevraagd wordt beschikt het land over onbeperkte mogelijkheden. Het geld wordt vandaag elektronisch gemaakt. Een enkele klik (dus de politieke wil) volstaat om een revaluatie te weigeren en daardoor ook het gevaar van een monetaire dumping. Een monetaire dumping is het ergste van allemaal omdat hij onbeperkte percentages kan bereiken in enkele dagen.

(4) Over de mogelijke inhoud van dergelijke SESP’s zie het advies dat aangenomen is door de Economische en Sociale Raad in 2003.

(5) Het is hoogkomisch vast te stellen dat deze maatregelen voorbereid worden in Chicago op enkele honderden yards van de grootste verzameling Nobelprijswinnaars ter wereld, de ene nog monetaristischer dan de andere.
De Fransen hadden minder humor in 1789, toen zij om een eind te stellen aan het Ancien Regime, Lodewijk XVI van Versailles naar Parijs brachten!

(6) Net als bij de andere internationale instanties, behouden we de afkortingen alleen maar voor de gemakkelijkheid, want men moet aantonen dat de toekomst ligt in multipolaire toekomst en niet in terugbuigen op het eigen land en omdat men zoveel sneller de vooropgestelde doelstellingen zal bereiken dan wanneer men inzake internationale instanties, helemaal vanaf nul zou beginnen.


Dominique Taddei is lid van de wetenschappelijke raad van Attac Frankrijk.
Klik op de titel ’Pour une relance altermondialiste, sociale et écologique à tous les niveaux’ om het origininele artikel te lezen.
De vertaling werd verzorgd door Jules Debroux waarvoor uiteraard onze hatelijke dank.

Spip-redacteur:   francis
 
 
In- & Uitschrijven
Zand in de machine




Attac persberichten




Kalender
« Februari 2018 »
M D W D V Z Z
29 30 31 1 2 3 4
5 6 7 8 9 10 11
12 13 14 15 16 17 18
19 20 21 22 23 24 25
26 27 28 1 2 3 4
 
Trefwoorden
 
 Attac Vlaanderen  |  Statistieken  |  Privé-ruimte  |  Alle rubrieken  |  Alle documenten

Verwittiging - De gepubliceerde documenten weerspiegelen, tenzij anders vermeld, niet noodzakelijk het standpunt van Attac Vlaanderen. Zij zijn de standpunten van hun auteur(s) en eventueel van werkgroepen of andere organisaties. Dat de documenten hier gepubliceerd worden is omdat wij willen meegenieten van beschikbare ideeën en expertises om samen onze toekomst te heroveren en aan die andere mogelijke wereld te werken.

Logo Creative Commons
Alle teksten van deze site mogen gebruikt en gecopiëerd worden onder de voorwaarden van toepassing van de Creative Commons Licentie.