Attac logo
Associatief netwerk voor een Taks op financiële Transacties
en voor het Aansterken van de Civiele maatschappij
Beginpagina    Zand in de Machine    ZidM > 06 - 07/2010    Van regimecrisis naar soberheid?  
| thema: democratie  |
 

Van regimecrisis naar soberheid?

Analyse en voorstellen voor de linkerzijde

> Stephen Bouquin - gepubliceerd op 5 juni 2010

Uiteraard dreigen de verkiezingen de communautaire crisis te verhevigen. Met welke houding komt men achteraf naar de onderhandelingstafel? Alle twistpunten waarrond nu geen akkoord bereikt werd, dreigen verhit uit de electorale strijd komen. De kans is reëel dat men op dit ogenblik enkel nog een toekomst ziet in een scenario van loskoppeling. De vlucht voorwaarts als het ware. Dit maakt het scenario van een regimecrisis niet onwaarschijnlijk. Maar anderzijds bevinden we ons in een situatie waarbij juist een drastisch saneringsbeleid moet uitgevoerd worden. Boedelscheiding zal een moeilijke klus worden wanneer men pensioenen, lonen en sociale uitgaven zal aanpakken. Dit beseffend, lijken PS, SP.A, CD&V, CDH en ook Open VLD te kiezen voor pacificatie en redelijkheid. Dit is het verhaal van “geen charlatans, geen nationalisten want dan krijgen we chaos”.

Waar gaat dit eindigen?

Open VLD trok de stekker uit. Niemand slaagde erin de discussie rond de nota Dehaene terug op gang te trekken. Noch SP.A noch Groen! wilden depanneren, en gelukkig maar. Waarom koos Open VLD voor een crisisscenario ? De Vlaamse liberalen zitten inderdaad in nauwe schoentjes, zowel electoraal als politiek. Open VLD maakt geen deel uit van de Vlaamse regering maar zit wel in de federale regering. De Vlaamse liberalen verliezen invloed en riskeren mee de rekening te betalen voor hun regeringsdeelname. N-VA vanuit de Vlaamse regering en LDD vanuit de oppositie kunnen Open VLD aanvallen op hun ‘Vlaamsche flank’. Voor CD&V is de regeringsval geen goede zaak. Niet de onkunde van Leterme is een probleem, wel het feit dat de christendemocratie, ondanks haar electoraal gewicht, er niet in geslaagd is een ‘Belgisch compromis’ te fabriceren. De Franstalige partijen waren geen vragende partij inzake splitsing van BHV en stonden dus sneller op één lijn. Zonder hun akkoord was er geen akkoord mogelijk. Het verdedigen van de francofonie en het bekritiseren van het separatisme en het nationalisme is ook een electorale ‘rente’.

Onmogelijk compromis

De kwestie van BHV is intussen uitgegroeid tot een institutionele splijtzwam die ook de economische elites van het land verdeelt. Enkele jaren geleden stelden sommige commentatoren met spijt vast dat er geen ‘deal’ gesloten kon worden met aan de ene kant een splitsing van het arrondissement én de opname van faciliteitengemeenten door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en aan de andere kant een splitsing van de sociale zekerheid, leidend tot een vernauwing van de RSZ in Vlaanderen, dat daarvoor een meerderheid heeft. Dergelijk ‘package’ kon noch door PS aanvaard worden noch door de N-VA. De balkanisering van het politieke landschap maakt elk compromis steeds moeilijker. Vanuit federaal perspectief weegt de SP.A 8% en Ecolo 6% (Kamer 2007). Wanneer er bovendien een algemene communautaire polarisatie tot stand komt tussen het Noorden en het Zuiden van het land kan niemand nog voldoende toegeven én voldoende uit de brand halen. In de politieke crisis die we de laatste weken geken d hebben, kwamen twee kampen tegenover elkaar te staan. In de publieke opinie bestaat er wel een belangrijke groep van mensen die andere problemen, vooral van sociaaleconomische aard, belangrijker vinden. Deze groep wordt echter door niemand op coherente wijze vertegenwoordigd. Overigens vinden we in deze groep zowel linkse als rechtse overtuigingen. Bovendien hangt boven dit ‘derde kamp’ een waas van belgicisme waardoor het niet bij machte is de polarisatie tussen noord en zuid tegen te gaan.

Kaarten herschudden

Sommigen waren tegenstander van een regeringsval omdat het houden van nieuwe verkiezingen de situatie helemaal zou doen ontsporen. Maar vervroegde verkiezingen hebben het gehaald omdat aldus de basis gelegd kan worden voor een nieuw overleg. Het is significant dat de Groep van 10 (bestaande uit alle toponderhandelaars van het sociaal overleg) een afwijzende houding hadden jegens de communautaire polarisatie. Hun pleidooi voor stabiliteit en pacificatie gaat uit van de overtuiging dat de politieke crisis de economie bedreigt. De Belgische overheidsschuld gaat dit jaar de 100% van het BBP overstijgen en met een regimecrisis en langdurige onregeerbaarheid zou de rating van België wel eens kunnen wegzakken richting Griekenland. Dit heeft onmiddellijke gevolgen op de openbare financiën vermits de rentevoeten van staatsobligaties o.m. afhankelijk zijn van dergelijke ratings. Een rentesneeuwbal begint traag maar is zeer moeilijk te stoppen, net omdat alles zich afspeelt op de beurze n. Met een economische stagnatie of nulgroei in het vooruitzicht zal dit een destructief effect hebben. Dit gegeven hangt als een zwaard van Damocles boven België. Alle staatsmannen pleiten op basis hiervan tot redelijkheid en pacificatie van de communautaire crisis. Electorale demagogie is voor hen uit den boze. Maar de politieke sfeer is ook een economisch bedrijf waar partijen kiezen voor electorale winsten en het staatsbelang als minder belangrijk beschouwen.

Wolfijzers en schietgeweren

De gebeurtenissen van donderdag 29 april in de Kamer waren veelzeggend. Act één: de Franstalige partijen trekken aan de alarmbel en neutraliseren elke poging om eenzijdig BHV te splitsen via een wet (en dankzij de numerieke meerderheid van Vlaamse verkozenen). Act twee: kamervoorzitter P. Dewael haalt dergelijke splitsing van de agenda. Acte drie: de N-VA dient toch een wetsvoorstel in ter splitsing van BHV maar het kan niet ter stemming voorgelegd worden en de “Forza Flandria” partijen (N-VA, LDD, Vl. Belang) worden geïsoleerd. CD&V, Open Vld en SP.A keren hen de rug toe. Andere signalen wijzen in dezelfde richting. Zo heeft CD&V gekozen voor een wissel van de wacht met het inruilen van Y. Leterme door M. Thyssen. De leiding van de socialistische partij kiest ook voor een aanpak van pacificatie: “De politieke crisis bedreigt de welvaart” hoorden we op 1 Mei.

Onder de publieke opinie blijft het ongenoegen opborrelen. Velen zijn geschrokken door de gebeurtenissen. Velen vinden dat de politieke wereld er een knoeiboel van gemaakt heeft en nog meer mensen vinden dat andere kwesties meer aandacht verdienen. Dit ongenoegen tendeert het nationalisme af te keuren. Voor de belangrijkste politieke families biedt deze stemming onder de publieke opinie de gelegenheid minder onder druk gezet te worden door N-VA en FDF.

In Vlaanderen zullen N-VA, LDD en Vlaams Belang verder schieten op de lamlendigheid van de Belgische constructie, op de Francofonen, de Walen en vooral verder duwen richting separatisme en/of confederalisme. In deze crisisjaren kan de N-VA zowel nationalistisch als sociaal (beter: solidaristisch) zijn met als argument dat België te veel kost, dat er te veel transfers zijn naar het Zuiden. Kortom, met wat minder België is er een beter sociaal beleid mogelijk. In feite is dit een gematigde toepassing van de slogan “eigen volk eerst”. Dit betekent dat de electorale reserves van de N-VA zowel ter rechtzijde als ter linkerzijde zeer belangrijk zijn en het verklaart ook het feit dat ze in de peilingen de 20% grens overstijgen.

Uiteraard dreigen de verkiezingen de communautaire crisis te verhevigen. Met welke houding komt men achteraf naar de onderhandelingstafel? Alle twistpunten waarrond nu geen akkoord bereikt werd, dreigen verhit uit de electorale strijd komen. De kans is reëel dat men op dit ogenblik enkel nog een toekomst ziet in een scenario van loskoppeling. De vlucht voorwaarts als het ware. Dit maakt het scenario van een regimecrisis niet onwaarschijnlijk. Maar anderzijds bevinden we ons in een situatie waarbij juist een drastisch saneringsbeleid moet uitgevoerd worden. Boedelscheiding zal een moeilijke klus worden wanneer men pensioenen, lonen en sociale uitgaven zal aanpakken. Dit beseffend, lijken PS, SP.A, CD&V, CDH en ook Open VLD te kiezen voor pacificatie en redelijkheid. Dit is het verhaal van “geen charlatans, geen nationalisten want dan krijgen we chaos”.

Chaos bezweren om besparingen door te voeren

Een regimecrisis betekent niet dat het staatsapparaat niet meer functioneert (leger, justitie, belastingen) maar wel dat het regeerwerk en de compromisvorming stilvallen. In een context van aanhoudende economische en sociale crisis kan dit allerlei gevolgen hebben, meestal met een succes voor rechtse, populistische en racistische verhalen. Er is met andere woorden storm op komst en dit betekent ook dat we niet opnieuw de jaren 1980 gaan meemaken. Toen is de communautaire crisis rond de Voerstreek (1987) een bliksemafleider geweest voor de aangroeiende polarisatie tussen arbeid en kapitaal. Pas nadat Martens-Gol de zware saneringsoperaties hadden doorgevoerd (1981-1987) kon J.L. Dehaene beginnen aan een nieuwe fase in de staatshervorming (1988-2002), en dit in tijden van economische groei. Vandaag gaat men én zware saneringsoperaties moeten doorvoeren én de staatshervorming willen afwerken.

De linkerzijde doet er goed aan zich niet in het defensief te laten drukken rond de communautaire problemen. Maar ze mag nog veel minder besparingen in de sociale uitgaven aanvaarden. De banken werden gered met het geld van de overheid. De overheidsschuld gaat de volgende jaren blijven stijgen behalve als een deel van de inkomsten wordt aangewend om ze snel terug te betalen. Dit kan natuurlijk door te besparen op militaire uitgaven of via een crisisbelasting en een vermogensbelasting. Maar hiervoor moet eerst een meerderheid gevormd worden. Fundamenteel is echter het feit dat de terugbetaling van de overheidsschuld juist de banken gaat verrijken die in 2008 werden gered met het geld dat we nu terugbetalen. Deze hold-up op de openbare financiën was mogelijk dankzij de zeer lage rentevoeten van de Europese Centrale Bank waarmee de financiële instellingen goedkoop cash leenden, waarna ze deze geldsommen investeerden in staatsobligaties met een hogere en vooral variërende rentevo et. In feite zou het principe van terugbetaling van overheidsschuld aan de grote institutionele beleggers in vraag gesteld moeten worden. Het is ook een reden te meer om zich te verzetten tegen elke actieve medewerking vanwege de socialistische partijen aan besparingsrondes.

Voor een federale republiek met één kieskring en één sociale zekerheid

Eengemaakte actie (syndicaal en politiek) tegen de soberheid onder het motto “wij betalen de crisis niet” is en blijft de voornaamste prioriteit. We beleven opnieuw een crisis van het kapitalisme maar in tegenstelling tot de jaren 1980 kan ze niet verklaard worden door “te hoge lonen” (dit was toen fout, maar het argument vond wel gehoor). Ook is het niveau van sociale bescherming voor niets verantwoordelijk voor wat er op de beurs gebeurt. Daarom moet duidelijk gekozen worden voor een aanpak die het geld haalt waar het zit. Vandaag begint dit bij het “aftoppen” van beurstransacties, maar dit zal ook veel verder moeten gaan, met name het onder controle brengen van de financiële sector inclusief de nationalisatie van de voornaamste instellingen.

Op institutioneel vlak zou de linkerzijde eveneens een stap vooruit moeten zetten. De linkerzijde wordt steeds meer gegijzeld door het Vlaams nationalisme en een francofone tegenpool. Natuurlijk is het zo dat de linkerzijde zelf verdeeld is rond de communautaire kwestie. Enerzijds zijn er diegenen die de tegenstelling arbeid-kapitaal laten primeren en by default kiezen voor een behoud van de Belgische constructie zoals ze nu bestaat en anderzijds bestaat er ook een stroming die de huidige Belgische constructie wenst op te geven of confederaliseren en vervolgens hoopt dat binnen de Vlaamse deelstaat de tegenstelling arbeid-kapitaal zich opnieuw zal uitdrukken en voor verstaanbare breuklijnen zal zorgen. Beiden leiden tot een impasse.

Waarom niet pleiten voor een federale republiek? De koning doet te veel aan politiek. Dit wisten we reeds maar vandaag wordt duidelijk dat de actie van het Koningshuis weinig resultaat oplevert en eerder deel van het probleem geworden is. Daarom zouden we een uitdovingscenario van de monarchie moeten verdedigen. We stellen vast dat het idee van één federale kieskring steeds meer ingang begint te vinden. Dit is een positief gegeven want het getuigt van een groeiend bewustzijn onder burgers dat in feite beleid op Belgisch-federaal niveau nog steeds van belang is. Zetels in het parlement zou moeten worden behaald op basis van verkiezingsresultaten, niets meer of minder. Daarom zouden zowel taalhomogene als taalgemengde lijsten moeten worden toegelaten, terwijl de zetels geen vooraf bepaalde taalidentiteit verkrijgen. Aldus weerspiegelt de volksvertegenwoordiging zowel de politieke opvattingen als taaldemografische evoluties. Bovendien wordt iedereen rechtstreeks betrokken bij he t besluitvormingsproces op het niveau waar dit plaats vindt.

Zolang er geen sociale harmonisatie op Europees vlak mogelijk wordt, moet een ééngemaakte sociale zekerheid verdedigd worden. Een aantal materies zoals milieuwetgeving en milieubeleid zouden opnieuw op federaal niveau ingericht moeten worden. Dienstverlening zoals spoorwegen, gezondheidzorg, wetenschappelijk onderzoek, bankwezen en energievoorziening zouden opnieuw moeten worden gefederaliseerd. Economische democratie is een verlengstuk en voltooiing van de politieke democratie. “Wat we zelf doen, doen we beter” betekent dat de competitiviteits- en de winstmaximalisatieprincipes evenzeer uitgedoofd worden. Grote schuldeisers zijn in de eerste plaats beleggers en speculanten. Zij mogen zich niet verrijken via een verarming van de samenleving. Daarom moet de overheidsschuld aan vaste rentevoet terugbetaald worden en daarom dient het speculeren met staatsbons verboden te worden.

De komende periode zullen sociale kwesties en institutionele kwesties elkaar veelvuldig ontmoeten. Indien we iets uit de brand van de huidige crisis van het kapitalisme willen slepen, indien we willen vermijden dat de restanten van het naoorlogs sociaal model worden weggespoeld naar aanleiding van een draconisch soberheidsbeleid, dan zal het niet enkel nodig zijn samen te vechten aan beide kanten van de taalgrens maar zullen we ook samen antwoorden moeten geven op de vraag met welke instellingen we willen leven. Is dit een moeilijke vraag? Wij denken van niet en daarom lanceren we het voorstel van een “federale republiek België met een ééngemaakte sociale zekerheid”.


Dit artikel werd door de auteur speciaal voor de Attac-site geschreven. We zijn hem er dan dan ook dankbaar voor.

Spip-redacteur:   francis
 

Reageer op dit artikel

 
In- & Uitschrijven
Zand in de machine




Attac persberichten




Kalender
« September 2010 »
M D W D V Z Z
30 31 1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30 1 2 3
 
Trefwoorden
 
 Attac Vlaanderen  |  Statistieken  |  Privé-ruimte  |  Alle rubrieken  |  Alle documenten

Verwittiging - De gepubliceerde documenten weerspiegelen, tenzij anders vermeld, niet noodzakelijk het standpunt van Attac Vlaanderen. Zij zijn de standpunten van hun auteur(s) en eventueel van werkgroepen of andere organisaties. Dat de documenten hier gepubliceerd worden is omdat wij willen meegenieten van beschikbare ideeën en expertises om samen onze toekomst te heroveren en aan die andere mogelijke wereld te werken.

Logo Creative Commons
Alle teksten van deze site mogen gebruikt en gecopiëerd worden onder de voorwaarden van toepassing van de Creative Commons Licentie.