Attac logo
Associatief netwerk voor een Taks op financiële Transacties
en voor het Aansterken van de Civiele maatschappij
Beginpagina    Het Dagelijks Brood    14/09 - De millenniumdoelstellingen, een pleister op een houten been!  
| thema: armoede  |
 

14/09 - De millenniumdoelstellingen, een pleister op een houten been!

Persbericht van Attac Vlaanderen over de
Wereldtop van de Verenigde Naties in New York.

Vanaf 14 september 2005 wordt in New York een VN-"wereldtop" gehouden om te zien hoe het is gesteld met de Millenniumdoelstellingen, acht vrij bescheiden maatregelen die de wereldarmoede tussen 1990 en 2015 met de helft moeten verminderen. Het resultaat is voorspelbaar. Ondanks alle beloften zullen de MDG’s niet gehaald worden. De redenen die hier voor aangehaald worden zijn doorgaans het foute landbouwbeleid van de EU, het gebrek aan ontwikkelingshulp en het gebrek aan ’goed bestuur’ in de arme landen.

Het kan niet voldoende herhaald worden. Armoedebestrijding is nog geen ontwikkeling. Het neoliberale beleid dat nog steeds wordt gevoerd veroorzaakt meer armoede dan het oplost. De MDG’s zijn een doekje voor het bloeden. Armoedebestrijding is onmogelijk zonder economische en sociale ontwikkeling. Armoedebestrijding is géén progressief project als niet tegelijk de ongelijkheid wordt bestreden.

Inderdaad op 14 september begint in New York de grootste wereldtop ooit van de Verenigde Naties. De staatshoofden en regeringsleiders zullen er twee punten bespreken: de hervorming van de VN en de armoedebestrijding in de derde wereld. Voor geen van beide punten zijn de vooruitzichten goed.

Kofi Annan had zeer bescheiden voorstellen ingediend voor de hervorming van zijn instelling. Maar rijke en arme landen kunnen het er niet over eens worden. Wie de macht heeft, geeft ze nu eenmaal ongraag af. En ook al hadden de voorstellen van Annan niets meer te maken met de ambitieuze plannen van net na de koude oorlog - een heus wereldbestuur -, men zal gelukkig zijn als de hoge vergadering de bestaande principes van het VN-handvest wil bevestigen.

Met het tweede agendapunt is het nog triester gesteld. Vijf jaar geleden keurde de Millenniumtop een Verklaring goed met daarin een aantal ’millenniumdoelstellingen’ voor het halveren van de extreme armoede in de wereld tegen 2015. Deze doelstellingen werden voor het eerste geformuleerd door de Oeso, in 1996, als ’ontwikkelingsprogramma voor de 21ste eeuw’. Ze weken sterk af van de toch veel ambitieuzere actieprogramma’s van de talrijke wereldconferenties die de VN in de jaren ’90 georganiseerd hadden. Die conferenties waren ook al een stap terug in vergelijking met het ontwikkelingsverhaal van de jaren ’70.

Op zich zou men deze millenniumdoelstellingen kunnen beschouwen als de bekentenis van een mislukking. Dat na veertig jaar ’ontwikkelingssamenwerking’ nog steeds de helft van de wereldbevolking arm is en er meer dan één miljard mensen in extreme armoede leven, bewijst dat er heel wat is fout gelopen. Toch is deze armoedebestrijding voor velen nog een stap te ver. De rijke landen vinden geen geld om ze te financieren. De VS wil elke referentie naar de MDG’s in de slottekst van de komende top laten schrappen.

De internationale instellingen zeggen dat ze de lessen van het verleden geleerd hebben. Ze hebben het niet langer over economische en sociale ontwikkeling. Vandaag worden de millenniumdoelstellingen voorgesteld als een ambitieus programma en wordt er gehandeld alsof we op weg zouden zijn om ze te bereiken. De armoede zou verdwijnen door de markt goed te laten functioneren en de landen meer te laten exporteren. Ik wil drie opmerkingen maken bij deze huichelarij.

Ten eerste kon men al in 2000 vaststellen dat de millenniumdoelstellingen niet zouden gehaald worden. Vandaag wordt dit bevestigd. De armoede daalt in China en Indië, maar ze stagneert in Latijns-Amerika en neemt toe in Afrika. Om ze te bereiken zou er tussen de 0,45 en de 0,54 % van het BNI (bruto nationaal inkomen) van de rijke landen aan ontwikkelingshulp moeten gegeven worden. Maar ondanks de oude belofte om 0,7 % te halen, loopt de hulp nu al bijna tien jaar terug. In 2003 betaalden de donorlanden nauwelijks 0,25 % van hun bruto nationaal inkomen aan ’hulp’. Meer dan 60 % kwam nooit bij de begunstigden terecht. De G7 betaalden slechts 0,07 % van hun BNI aan echte ontwikkelingshulp, in het voordeel van armoedebestrijding. België beloofde tegen 2010 de 0,7 % te halen, maar het ziet er niet naar uit dat dit zal lukken. Waar de hulp in 1975 nog 0,6 % bedroeg, is ze in 2003 opnieuw gezakt tot 0,4 %. En daarvan komt 70 % nooit echt bij de armen terecht.

Ten tweede zijn de millenniumdoelstellingen erg ontoereikend. De extreme armoede tussen 1990 en 2015 met de helft verminderen, betekent dat de andere helft - een half miljard mensen - rustig kan sterven. Extreme armoede, aldus Kofi Annan, is een doodvonnis. De Duitse filosoof Thomas Pogge berekende dat door de aanpassing van de berekeningswijze - o.a. het percentage in plaats van het aantal mensen die extreem arm zijn - de extreme armoede in feite slechts met 19 % naar beneden moet. Ook dat zullen we niet halen. Over mensenrechten, economische en sociale rechten zeggen de MDG’s niets.

Wat kunnen de MDG’s betekenen voor de honderdduizenden arbeiders die hun werk verliezen door de vrijmaking van de textielhandel? Wat heeft de bevolking van Niger aan de MDG’s als de voedselprijzen uit de pan rijzen? Wat moet de Jemenitische bevolking doen als de brandstofprijzen verdubbelen omdat de subsidies wegvallen en er een BTW wordt ingevoerd? Wat doet de Mexicaanse boer die zijn maïs niet aan de straatstenen verkocht krijgt nu er goedkope maïs uit de VS geïmporteerd wordt? Met de MDG’s kunnen mensen in het beste geval leren lezen en schrijven, maar als ondertussen hun inkomensbron wordt weggenomen kan dat enkel de statistieken voor zogenaamde ’menselijke’ ontwikkeling ten goede komen. Meer en meer wordt armoede voorgesteld als een ’multidimensioneel’ probleem en verdwijnt het inkomen naar de achtergrond. De inkomensongelijkheid neemt schrikwekkende proporties aan.

Dit alles sluit aan bij een neoliberale filosofie die de markt en de concurrentie boven alles plaatst. Vandaar, ten derde, dat het bovendien onmogelijk is om met het huidige beleid de armoede te doen verminderen. De voorwaarden die de Wereldbank en het IMF opleggen aan de arme landen veroorzaken meer armoede dan ze kunnen oplossen. De schuldenlast wordt slechts met mondjesmaat kwijt gescholden. De zeer bescheiden toegeving van de G8 in Schotland is nog steeds niet geregeld. O.m. de Belgische directeur bij het IMF maakt bezwaren om de armste landen zo’n cadeau te geven. Ook de Wereldbank stapt niet mee in dit scenario. Niemand wil de kwijtschelding financieren.
Ondertussen wordt overal herhaald dat de arme landen meer toegang moeten krijgen tot de landbouwmarkt van de rijke landen. Maar heel wat Afrikaanse landen worden met een hongersnood geconfronteerd. Dit is de absurditeit van het hele systeem. De arme landen moeten exporteren wat ze produceren en moeten importeren wat ze zelf nodig hebben. Als de regeringen daarvoor onvoldoende geld hebben - de ruilvoet voor de Afrikaanse landen verslechtert voortdurend - mag de bevolking creperen.

De VS zijn inmiddels begonnen met een ware amendementenslag om de slotresolutie van de VN-conferentie nog verder af te zwakken. Zelfs de MDG’s gaan president Bush te ver en alles zou nu moeten ingezet worden op veiligheid. Reeds vijftien jaar lang schroeft de rijke wereld haar ambities voor de ontwikkelingslanden terug. Straks blijven nog enkel liefdadigheid en filantropie over. En kunnen onze legers gaan helpen om orde en stabiliteit te brengen in de vele ’mislukkende’ staten.

Het wordt de hoogste tijd dat de arme landen zelf kunnen beslissen over welke ontwikkeling ze willen. Dat is ook wat China en de G-77 hebben gevraagd voor deze wereldtop, en wat ook door Unctad herhaaldelijk werd bepleit. Arme landen hebben meer autonome beleidsruimte nodig om een interne markt te kunnen ontwikkelen, hun bevolking koopkracht te geven en te kunnen beslissen over wat ze willen exporteren of importeren.

Het is evident dat ze hiervoor financiële middelen nodig hebben. In de plaats van hen voortdurend te laten afhangen van de willekeur en de begrotingsmogelijkheden van de rijke landen, ware het beter de huidige ontwikkelingshulp te vervangen door een internationale belasting. Als alle huidige donorlanden 0,7 % van hun BNI afstaan, dan is er meer dan 200 miljard $ beschikbaar voor de arme landen. Deze fondsen kunnen beheerd en verdeeld worden door de VN. Met een transparant en gecontroleerd systeem voor het kapitaalverkeer, kan de kapitaalvlucht worden tegengegaan.

De grijze zone in het hele MDG-debat is inderdaad de invoering van mondiale belastingen en de bestrijding van kapitaalvlucht en belastingontwijking. Over de fiscale paradijzen en de offshorecentra wordt in dit verband nauwelijks gepraat. Een recent rapport van Tax Justice Network wijst op de georganiseerde kapitaalvlucht door multinationale ondernemingen, verzekeringsmaatschappijen, pensioenfondsen, banken en vermogende individuen waardoor er jaarlijks 500 miljard dollar uit de arme landen verdwijnt. Natuurlijk is corruptie slecht en is goed bestuur noodzakelijk, maar in deze belastingontduiking dragen de westerse landen een grote verantwoordelijkheid. Deze "jaarlijkse roof" bestendigt de armoede in veel landen, maakt het hen steeds moeilijker publieke diensten voor hun burgers te organiseren en holt de democratie verder uit.

De rijke landen hebben zichzelf in een begrotingskeurslijf geduwd dat hen geen ruimte meer laat voor solidariteit zonder de kapitaalmarkt in gevaar te brengen. Deze absurditeit moet stoppen. Het kapitaalverkeer moet weer onder controle gebracht worden. Daarom blijven wij onvoorwaardelijk de invoering van een Tobintaks verdedigen. Deze heffing kan het speculatieve kapitaalverkeer aan banden leggen en is een begin van politieke controle over de ongereguleerde kapitaalstromen. De Tobintaks kan ook bijdragen tot meer stabiliteit op de wereldmarkt. Hij organiseert een meer rechtvaardige fiscaliteit door belasting op arbeid mondiaal te verschuiven naar belasting op vermogen. Deze heffing belast inderdaad de grootste vermogens en kapitaalbezitters die dagelijks speculeren. Met de opbrengsten ervan kunnen ook een aantal sociale doelen op wereldvlak gerealiseerd worden.

Toch wordt de Tobintaks telkens weer afgewezen door de meeste regeringsleiders, omdat hij niet past in het neoliberale verhaal. De Europese Unie gaat naar New York met het voorstel tot invoering van een "vliegticket-taks" ter bijkomende financiëring van de MDG’s. Zelfs de groep rond de Braziliaanse president Lula is bereid om dit te ondersteunen, gevolgd door heel wat grote en internationale NGO’s. Deze voorstellen die in de EU nog geen 3 miljard Euro zouden opbrengen voor een belasting die ook bijzonder moeilijk te innen is, kunnen het best in de prullenmand verdwijnen. Voor Attac Vlaanderen is deze vliegtickettaks geen bespreekbaar alternatief. Ten eerste is dit een belasting die veel consumenten treft en mondiaal niet fiscaal herverdelend werkt. Ten tweede levert deze taks geen enkele bijdrage tot regulering van de kapitaalstromen en de stabilisering van de wereldeconomie.

Wat nodig is, is solidariteit, een heus herverdelingsmechanisme en een massale kapitaaltransfer naar arme landen, zonder de moordende voorwaarden van de Wereldbank en het IMF.

Het is vijf voor twaalf. De schrijnende armoede, de walgelijke rijkdom en de schandelijke ongelijkheid brengen de veiligheid inderdaad in gevaar. Het neoliberalisme is een ideologie met foute uitgangspunten. Mensen hebben bescherming nodig tegen de gehele vermarkting van de samenleving.

Dat is de wereld van vandaag. Wie ons voorhoudt dat met de millenniumdoelstellingen aan een betere wereld wordt gewerkt, is mee schuldig aan het in stand houden van een systeem dat voor meer en meer uitsluiting zorgt en voor meer en meer concentratie van de rijkdom. Er is dringend behoefte aan een nieuw beleid. De Belgische regering mag zich niet langer verschuilen achter haar internationale bondgenoten om deze schandelijke onwil van de rijke wereld te aanvaarden.

Een andere wereld is mogelijk. Een andere wereld is nodig. De sociale bewegingen moeten de handen in elkaar slaan om samen te werken aan een ander beleid. De arme landen moeten kansen krijgen om zelf een beleid te bepalen en uit te maken wat voor hen ’ontwikkeling’ is. De ngo’s en de vakbonden moeten begrijpen dat er niets kan veranderen zolang niet met de neoliberale logica wordt gebroken. Dat geldt voor België, voor de Europese Unie en voor de derde wereld.

Omdat een andere wereld mogelijk is,
Eric Goeman, Woordvoerder Attac Vlaanderen


Voor verdere informatie:
Francine Mestrum
Coördinator Wetenschappelijke Raad Attac Vlaanderen
Auteur "De Rattenvanger van Hameln" - De Wereldbank, armoede en ontwikkeling. Uitgegeven bij EPO.
 
In- & Uitschrijven
Zand in de machine




Attac persberichten




Kalender
« Mei 2012 »
M D W D V Z Z
30 1 2 3 4 5 6
7 8 9 10 11 12 13
14 15 16 17 18 19 20
21 22 23 24 25 26 27
28 29 30 31 1 2 3
 
Trefwoorden
 
 Attac Vlaanderen  |  Statistieken  |  Privé-ruimte  |  Alle rubrieken  |  Alle documenten

Verwittiging - De gepubliceerde documenten weerspiegelen, tenzij anders vermeld, niet noodzakelijk het standpunt van Attac Vlaanderen. Zij zijn de standpunten van hun auteur(s) en eventueel van werkgroepen of andere organisaties. Dat de documenten hier gepubliceerd worden is omdat wij willen meegenieten van beschikbare ideeën en expertises om samen onze toekomst te heroveren en aan die andere mogelijke wereld te werken.

Logo Creative Commons
Alle teksten van deze site mogen gebruikt en gecopiëerd worden onder de voorwaarden van toepassing van de Creative Commons Licentie.